uit een rood notitieboekje

Voormalig presidentskandidaat Mcane
Ik ken hem van teevee
Van fotoxe2x80x99s in de krant

Ik lees
Hoe hij oproept
Tot militaire hulp

Mcane
Hij komt
In het nieuws
En niet persoonlijk op bezoek

Hij vertel;t zijn plannen
Niet rechtsreeks

Hij heeft de media nodig
Om mij
Oh onbeknde
Oh invloedloze
Te bereiken

Ik lees zijn woorden
Ik
Die niet eens op hem heb kunnen stemmen

Wat doet hij in mijn leven
Hij doet wat in de krant

wat ik voel
is
wat gebeurt

wat ik voel
is
ik

ik neem deel
aan
mijn gevoel

ik maak deel uit
van
wat ik voel

ik heb pijn
aan alle kanten van
mijn leven

ik heb in dit leven
lief

ik lijd aan alle mogelijkheden
tot verandering

ik bezwijk aan alle keuzes

wielen
de ontdekking van
cirkelbruikbaarheid

wielen
cirkels

dragend
de zwaarte

de zwaarte
zelf

wortels
takken
bovengronds

zoveel aarde
omgewoeld

de groei
ligt
niet

stil

sta hier niet bij stil
ga verder
loop om het gedicht heen

wees
werveling

elastiekje
aardeopwarming
postzegels

elk woord
is
een lied

elk woord is een feest
voor de tong

elk woord
heeft de smaak van betekenis

mij
zijn
is
in

de wereld

alsook
mijn
dijn

en
mijn dijn
is
in de deining
in
de dingen

en alles dingt
naar mijn ervaren

alles
vraagt
mijn
aandacht

vissen
in het luchtledige van
goud

doorschijnend
en transparant
tegelijk

de

het staat er
zo alleen

de

waar staat
het
voor

wat
komt
erna

de stam
de voeten stampend
dat wat ik weet van de boom
dat wat ik erover denk

de grote mammoetpoot
in het drijfzand der aarde

dat wat is
is boom
nu

al wat ik zie

boom
hoe hij ook groeit nu
hij groeit nooit verder

dan zijn naam

de tovenarij
van
de verveling

de herhaling van
de magie

het levensgevoel
van
een doodseskader

een squadron
zo echt

scheermes

welke figuur
verschuilt zich

achter
dat woord

ik ben
het werk
zonder persoonlijk
zonder kern

ik doe
wat
iets

gebruik
energie en sta die
weer
af

ik maak
emoties
met de hand

ik maak
mee

in
het inmiddels

het
in
en
in
van

inmiddels

inmiddelijk

het blad
gaat
uit eigen beweging
niet terug

het getuigt van
zijn machteloosheid
zijn gewicht

het toont geen wil
het toont alleen de wind
die hem voortwaait

het blad
het toont beweging

een persoon
doemt er niet uit op

het blad
is eigen aan het moment
dat ik het zie
dat ik het interpreteer

de tijdelijke samenhang
tussen blauw en hemel

de pen
onder het penceel

inkt en verf
ze lopen elkaar mis

elkaar volledig begrijpen
we kunnen het niet

we kunnen elkaar wel liefhebben
het onbegrip aanvaarden

elkaar liefhebben
voorbij het onbegrip

deed

hoe ver
ligt dat van

doen

deed

heeft dat wel
met doen
van
doen

deed

ik vermeed
het doen

ik deed

ik doe
het doen niet

draaizand

verfraaide sprookjes

kolkend van
verbeelding
en
moraal

waarheen
draait

de waarheid

ik leef niet
ik wil een rol in een film

plaats

waar het ligt
daar is het

het doet er niet toe
of
iemand het heeft
neergelegd
of
neergezet

wat overblijft
is
enkel

plaats

het is

met welke bedoeling
het er is

het is
niet duidelijk

je kunt alleen zien
waar het ligt

dat het er ligt

en
is

tinnen tuinen

ik zeg het zonder reden
zonder spijt

de
tinnen tuinen

niet
dat ik weet
wat het betekent

noch
dat ik weet
waar dit toe leidt

in deze tuinen
verdwijnt alle haast

de ruimte heeft er
tijd voor ons

en wij hebben alle tijd
voor deze ruimte

in mijn droom
hoorde ik mijn moeder zeggen

ik nodig je vader uit
voor mijn verjaardag

in werkelijkheid
heeft ze dat nooit gezegd

ik liet het haar zeggen
in mijn droom

het zou toch kunnen

de leeftijd verwaaid

deze eeuwige schoonheid
is de enige spiegel

19 June 2011
By on 11:07

Daar zijn de klaprozen weer
Uit de onzichtbaarheid teruggekeerd
En weer is het mei

Daar zijn de klaprozen
Verre van modern
De maand draagt nog steeds
Dezelfde naam

En overal is het
De tijd van het jaar

Ik zie het rood
Ik zie het hart van het onvergankelijke
Ik vergeet de tijdelijkheid van de roos

Ik zie zijn terugkeer
Waar dan ook

Ik zie de klaprozen weer
En weer is het mei
En weer blijkt er een jaar voorbij

Hoeveel klaprozen wachten mij nog
Tijd lijkt bedrog

7 June 2011
By on 20:34
het geisoleerde woord

deden

plots
midden op

deze bladzij

aan het hoofd
van
het gedicht

plompverloren
de verleden tijd
van

doen

wie
deden
en

waarom
wat

24 April 2011
By on 09:45
een eindhovens soort ik

Eindhoven
Daar woon ik
Ik vul het ook in
Als plaats
Op formulieren

Eindhoven
Ze is aanweziger
Dan
Een naam alleen

Eindhoven
Het klinkt tezaam
Met mijn naam
Mijn lichaam

Het prestigieuze Eindhoven

Eindhoven
Ik zit er
In een kamer
En beschrijf er
De aanwezigheid van een stad

Ik bezoek de stad niet
Ik woon er

door
het raam
naar woorden kijken

woorden
zijn er
niet te zien

niet
de woorden
die ik schrijven
wil

woorden
die passen
bij het wit

ik vergeet

ik weet
ik ben niet bezig met
herinneren

herinneringen
houden mij niet bezig
ze houden mij van mijn werk

dit innerlijk
houdt me bezig

dit innerlijk
is
het inwendige van het nu

waar alles
nog herinnerd moet worden
waar alles zweemt naar vergetelheid

je moet je dromen dromen
je moet meer zien
dan er te zien is

je moet boven het geziene uit kijken

je moet zien
wat niemand anders ziet

je dromen
zijn
je leven

Jongerius

Het borduursel
Overstroomt
Het bord

Het bord
Verweven
Met het tafelkleed

Men eet
Gehecht
Aan

Eten

Men knoeit
Al vormgevend

MUNCH I

De gele boom
Een stroom van licht

De gele boom
Die ligt

Tot tunnel wordt

h
MUNCH II

het schilderij staat buiten
et weer is medeschilder

het weer corrigeert het schilderij
brengt echtheid aan
brengt elementen in

buiten laat het schilderij zich voltooien
de geschilderde natuur
natuurlijker

is
de letter de kleur

vang ik aan
te beginnen

diep
in het begin
van

het vleeswoord

is
in het hart van
de beweging

de stilstand

en
spreekt
de stilte zich uit

aan
het begin

vanuit
het wit

dit vlees

te lezen als
een woord
dat bloedt

de ruimte
tegemoet

onderhuids
is het veilig
taal

een zon
een boom

woorden
die poseren

woorden
die
pulseren

rood
is het karakter van het paard

het rood
dat buiten de lijnen treedt

het rood
oneerbiedig voor de grenzen
gesteld aan de gestalte

rood
is ook het potlood van de tekenaar

hij kleurt het paard
zoals hij een deur verft

de werkelijkheid voldoet
aan de hem gegeven kleur
maar niet de kunst

ijverig wordt gewerkt aan herkenbaarheid

als alles

zo rood
als rood

het beeld
is woord geworden

stom en dood

appels
zijn
peren

in de grond
van
worden

waarin alleen alles mogelijk is

een duif in mijn tuin
als enige

het grijs
in mijn tuin
in wintertijd

een roekoe doend wezen
de mythologie ontstegen

het is vrede
bloei bezworen

de revoluties zijn elders
en nodiger aldaar

hier
de status quo van winter

bladeren
omvergeworpen
of eerder gekeerd

als wijnflessen
in een kelder

wat er
te zien is

te lezen
te melden

het zichtbare

kijk:
het zichtbare

beeldloos
de tijd

en daarom
onverwoordbaar

er is geen beeld
dat spreekt
namens de tijd

wie tijd zegt
voelt pijn

hebben woorden
een bepaalde werkelijkheid

houden woorden
een werkelijkheid in

wat voor werkelijkheid
vertegenwoordigen

deze woorden

ik noem geen datum
vermeld geen feiten

wat ik zeg
is

het benoemde zeggen

door
de woordnatuur
waar het windstil is

betekenisstil

zeggen
is me bewegen

tastend
in
het blinde van de taal

EGYPTE 2001

Zij schreeuwen
De macht is doof

Twee straaljagers
Scheren over het mensgevulde plein

Macht maakt lawaai
En bang

Zij hebben de macht
Wij de machteloosheid

Wij hebben de wanhoop
Wij zijn eerlijke desperadoxe2x80x99s

We werpen oneetbare stenen
In de veronderstelling
Dat men brood teruggooit

Omvergereden
Uiteengereten
Weten wij

De vernietiging schept ons

geen gedachte formuleren
maar woorden

losstaand
van elke gedachte

woorden als
een zelfstandig geheel

welk beeld
voelt zich
tot deze woord aangetrokken

welke beelden
voegen zich
bij

het
woord

ECONOMIE 2011

Papier
Is papier waard

xe2x80x9cGoud hierxe2x80x9d
Roept Holle Bolle Gijs
De Bonusbankier

Oude kleren
Met de beeltenis van helden

Bankbiljetten voelen
Als geschiedenis aan

We geloven in getallen
In grote getale

buitenshuis
neemt de wind
in kracht toe

het gaat
steeds harder waaien

binnenshuis
steeds gelijkmatiger

het ademen

geen vogel strijkt hier neer
maar een woord

het zwart van inkt
daalt neer
en wordt
over de hele bladzij uitgesmeerd

is dat woord te volgen
te determineren

deze meningloosheid aftasten
dit gebrek aan persoonsmanifestatie

dit heelal om in te vallen
omdat het zo groot is
en zo immens
en

ik heel het leven voel

dit
zoek
aftasten

het kruipen van muizen
of het vluchten

zie je ooit een muis flaneren
opgejaagd door knaagbehoefte

is een muis
een krakend geritsel
waaruit hij opspuit
als een opeensheid

het kleine
maar plotselinge
dat ons schrik aanjaagt

een minieme vluchtige
apocalyptische ruiter

het was al die tijd
duidelijk

nu niet meer

iets
van een vroegere
onduidbaarheid
daalt nu neer

daalt
neer in het nu

met de nieuwe
interpretatie
begint
de volledige

desintegratie

er is geen klok

we geven elkaar
levenslang de schuld van
het onvergeeflijk bij elkaar zijn

wij zijn nu
het bijeen
veroordeeld
tot een onontkoombaar
bij elkaar

dit samenzijn
wordt door geen klokslag verbroken

we zijn
door de hete stilte van de tijd
aaneengesmeed

27 March 2011
By on 21:34
streepjes in plaats van titels, streepjes aan het einde in plaats van titels aan het begin

Zijn wij ons brein?
Zijn wij een breinbrei?
Zijn wij het zijn
Van brein en wij?

Zijn wij ons zijn
Zijn wij het zijn

Het zijn is ons
Het zijn is ons
Worst

zullen we doorgaan
of zullen we ons verlammen van angst
zullen we naar het worden blijven kijken

of kijken we voortaan
elke vreemdeling aan

om de afgrond
in zijn ogen te zien

we stappen uit de helikopter

we
is eigenlijk
ze

we hebben ze
gezien

we hebben
medeleven

we stappen met hen mee
de helikopter op de foto
uit

hoe laat is het
hoe heet is het
onder onze voeten

in welk jaar leven we

2012

het is
twee voor twaalf

allen
tegen
een

breng
de boodschap

bevlogen

burgermeester
van
het jaar

roep
bevlogen

laat
rechts
het maar proberen

bevlogen
toezien
hoe

rechts zich
vergaloppeert

bevlogen
scherven rapen

de puinhopen
van rechts

we gaan
naar
het lage lonen land

wij
uitbuikers
die uitbuiken

ons land
kan ons niet schelen

ons land
is ons worst

ons land is ons
kaas

we komen pas
terug naar Nederland
als Nederland
een ons weegt

cultuur
is
te duur

er moet
meer blauw
op straat

kunstenaars

haal
de verf
voor de dag

en schilder
alle straten

blauw

FEL VERSCHIL

I

De donkere kamer
En de hemel buiten

Sneeuwwit

De hemel
Zwanger
Van een sneeuw
Die niet wil vallen

Niet eens
Valt

II

Ik
Die dit ziet

En die
Dit schrijft

Een ander
Had het gelaten

En het
Zo gelaten

Niet over praten
Niet eens
Zien

Ogen open
Daarna
Weer gesloten

Verder slapen

III

Wakker worden
In een wonder

Een sneeuw
Zien
Die

Geen sneeuw
Blijkt

Even later

Zien
Wat is verwacht

Dat
Alvast welkom heten

Het grijs zien
Op zijn witst

IV

Wakker worden
En
Zien hoe ik mezelf bedrieg

De voorspelling
Is
De sneeuw vooruitgesneld

Ik geloof
In
Verwachtingen

Ik zie
Illusies
Hemel en aarde
Illustreren

V

Is dat
Sneeuw

Nee
Ik heb het mis

Wat ik zie
Is

Het verschil

Overbelicht

VI

De ogen geopend

Men voorspelde sneeuw
De dag ervoor

De sneeuw
Zou in de avond vallen

Had de sneeuw
Zich te zeer gehaast

En lag ze nu al
Uitgeteld

Al die vlokken

VII

Wat doen woorden

Ze beheersen ons
Ze wekken verwachtingen
Die het zien verhinderen

Woorden
Werpen
De rooksluier
Van hun immense tijdelijke betekenis

VIII

Is de sneeuw gevallen?

Dat is toch niet normaal
Wat een wonder

De sneeuw zou pas
Tegen de avond komen

Het is morgen

Vreemd
Hoe kunnen de daken zo rood blijven

IX

De daken
Zo rood

Is sneeuw
Zo
Doorzichtig

Ik zie
De witheid
Van

Het woord
xe2x80x9cSneeuwxe2x80x9d

Aan de hemel

X

Zeggen
Of schrijven

De tekst
Sneeuw

XI

Mijn tekst
In de wereld

Mijn tekst
Aan
De wereld

De woorden
Ze moeten er staan
Zoals ik er sta

Ik sta
Voor de woorden

Ik sta in
Voor de woorden
Die ik mij heb toegexc3xabigend

beweging
gevolgd

door de weg

het is de loop
het gaan
dat wat gaande is
dat het pad aan legt

deze kant heen

DE VREUGDE VAN EEN DJ

vrolijk
leest hij het nieuws voor
ja, er is weer nieuws
er zijn doden gevallen

hij is zo blij
met het nieuws
zo blij als een kind
met sneeuw

er zijn doden gevallen
en ze blijven
zo mooi liggen
er zijn doden gevallen

ik heb
iets te vertellen
zoveel doden zijn er gevallen
en ze maken mij interessant

zie hoe ik groei
als ik vertel
dat er doden zijn gevallen
hoeveel doden er zijn gevallen

de doden
ze groeien op mijn rug
de doden
ze maken me groot

voorwerpen
stillevens

de druiven
de tinnen kan
de karaf

het is
zo
neergeschreven

in
een mum
van tijd
gezegd

en
samengevoegd

druiven tinnen kan karaf

zegt u het iets
dit
stilleven

mijn hand gaat niet uit
naar de druiven

eerder gaat die uit
naar het penceel

de druiven
ik wens ze niet te plukken
te proeven

ik wil ze geschilderd hebben
reik me de verf

de kathedraal voor een jaar
uit de steigers

we kijken ernaar
en we houden het even weer
voor ongeschonden

de wonden
door de tijd aangebracht

door de ruimte geheeld

de bloemen schilderen
voor ze verwelken

de bloemen
in herinnering brengen

de bloemen plaatsen
in een vaas
buiten
de tijd

voorwerpen
als namen
met hoofdletters
geschreven

bloed
de binnenzee

het water
van een ander rood

een wind
in
een heen en weer richting

het lichaam
haven

het denken
constant
ondergraven

het vaste ritueel
van wassen
in de vroege morgen

het vaste
van de stap
in vloeibaar

ik was me schoon
ik was me wakker

op een vast punt
in de nog jonge dag

ik was de nacht
de dromen
de vrezen van me af

ik stapte uit het graf

in mij is nieuwe levenskracht
in mij is licht
dat door alles heen breekt

ik spreek met vaste stem
de dingen aan

nu
heb ik zin

en
later

spijt

ik heb
zin in spijt

er is altijd strijd
tussen doen
en het betreuren van de daad

het is de vreugde
die voorafgaat
aan de droefenis

het verschil;
tussen literatuur en wetenschap

literatuur
is

verwerkte wetenschap

het huis waar het licht is

het licht afkomstig van zee
de wrijving van stroming

het huis waar oorlog is

en krachten vechten
om een plaats aan het raam
en een plaats in de wereld

het huis waar het vrede is

en waar alles
van zijn onvoltooidheid spreekt
en zich
bij zijn onvolmaaktheid heeft neergelegd

het huis waar het licht is

in mijn mond
de smaak van adem

ik proef
dat ik heb geleefd
dat de lucht van heel het leven
heel de wereld
in mij is geweest

adem
het elven bracht me een bezoek
het zetelde in mijn aderen
het nestelde zich in mijn bloed

mijn adem woei over het rood

ben ik gemaakt
door een god

stam ik echt af
van een aap

in
mijn onwetendheid
mijn nieuwsgierigheid
ben ik
een vragend dier

in mijn alwetendheid
ben ik
jawel

een god
een zon
een licht

niets
wil ik liever zijn

en ook
mijn genot
is
goddelijk

Wust wint goud
Wust
Wint goud
Wust wint alweer
Goud

Hoeveel tijd
Is er verstreken tussen

Goud
En goud

En goud

22 March 2011
By on 21:35
verschillende gedichten

De bomen staan in kaalte
De huizen staan
Bol als zeilen

Er is wind in de bouw
Er is wind in de muren
Die hun ankers hebben uitgeworpen

Om verzekerd te zijn
Van aardevastheid
Verzekerd tegen bevingen

De muren staan bol
Gereed om uit te varen
Tegen de mensheid

Zie de gebouwen
Windgetrouw

fietsenstalling
fietsen

grijs
flikkerend
van bovenaf bezien

schroot
in het zicht van
de smeltovens

gebroken glas
dat blijft liggen

om te schitteren

de schittering
het enige doel
van

het breekbare
het gebrokene

prikken
met een vork
in de schaduw

of hij gaar is
dat hij al lek is

in
deze
ene beweging

stroming

hoe je imago je schaadt
hoe gedaante je schaduw wordt
hoe jij je met je eigen leegte omring
hoe je verbeten verbuitent

kies je
voor je positie
dan kies je
voor jouw manier van sterven

de naam van mijn familie
is mijn bekentenis

ik kies mijn celgenoten als familie
en dood als mijn loopbaan

mijn enige familie
is de leugen
dat ik het heb gedaan

vier strepen
vier lichten

later
benoemd

er wordt
getoond

zonder
dat er
iets wordt gezegd

het is er
gewoon

we herdenken de doden
we vergeten te vergeten

de doden zijn onder ons

ze grenzen aan
onze eigen dood

doka

afkorting van
donkere kamer

samenvoeging van
do en ka

er komen
fotoxe2x80x99s aan het licht
aan de waslijn

ach
wat zich al niet afspeelt
in donkere kamers

fotoxe2x80x99s, fotoxe2x80x99s
en nog eens fotoxe2x80x99s

er zijn meer spullen
dan
kasten
om alles in te doen

ik woon
in een kast van
een huis

en dit gedicht komt
nergens op
uit

woorden
om

te gebruiken

ik

woorden
om

weg te laten

er waren
een we

er was
een eens

dit is anders dan mijn tafel

er staat suiker en een roos
verdronken in een vaas
in plaats van

in gedachten

de roos doe me toebloost

den haag
eerste etage
hotel Babylon

deze tafel verschilt
van de mijne

op roos en suiker na
is de tafel leeg

nergens broodkruimels
of ceedees of bankafschriften

ik heb gereisd en alles
is vreemde en orde geworden

hoe maak je
leeg-
te
hoe
maak je

leeg

er is
geen waarom
in

de leegte

enkel
een hoe

nergens
meer

nergens
meer
naar

toe

het weinige
dat
over is
van

het vele

de wolken
lopen
op
flitsende
spinnepoten

de stappen
vlammen
op

paard
waar ga je
heen

naar
het draven

naar
het
draven

zelf

het is
te

lezen op
papier

het woord
is

een stem

hoor
het wit

onderbroken
door
het

letterzwart

het goud
verstoord

door
lood

de eeuwigheid
van wit
van ijs
van sneeuw

hoe koud
is het wel niet
in

eeuwigheid

hoe
stil
is
de kou
wel niet

tijd
is het enige
dat zich uitbreidt

tijd
is enig in zijn soort

de hoefslag
van de tijd

het onstuimig
trekken van het paard

ik verstrijk
in galop

loop
tegen de minuten op

het schrijven
dat van
alles de uitdrukking is

ik druk het schrijven uit

ipv een seriemoordenaar
ben ik
een serieliefhebber

KUNST EN LEVEN

Je fietst
Door deze contreien
En je denkt aan Nicole

Maar liever
Denk je aan Shakespeare

Ik wil niet
De moeder zijn van
Nicole

Ik wil schrijven
Als
Shakespeare

kaarten
waar rivieren ademen

het lichaam
dat het land is

bloed
en bodem

ik
ik
ik
ik ik ik
ik
ik ik ik ik

ja
het moet eruit

we hebben over je gepraat
ik kan niet met je praten

ik kan niet meer
met je praten nu

ik kan niet praten met
een onderwerp van gesprek

dit halfgevecht dit
schijngevecht
dat
het denken is

bloed
dat stroomt
en denkt
dat

het vloeit

willen
dat

het voorbij
is

en bezig zijn
met

willen

ik kijk in de spiegel
ik maak me niet op

integendeel

ik bewonder mijn uniekheid

de ierse

trendsetter

het meisje
waarmee
ik dans

is dat

het meisje
waarmee
ik leef

de woorden
zelf

klinken

zonder
schrijver

te lezen
zijn ze

te zijn

ik weet

het leven
is

vorm

voor mij

ik leef
voor
de vorm

de gaande weg de staande weg ik heb een wit geloof in alles wat ik zeg ik heb een wild geloof in het rechtop staan van mijn leven iets wat ik wil nemen en aan niemand af wil geven slechts een afdruk kan men krijgen een wilde afdruk van mijn zwijgen dat elke gebeurtenis toestemming geeft

het rood van
het blad dat de tijd aangeeft

het seizoen welteverstaan

luister
naar

gedichten
in een mooi boekje bijeen

een boekje
om weg te leggen
een boekje om te verzamelen

een boekje
om heel even in te kijken

hier
waar het verschijnt

het nu
als woord

dit keer

hier

het vele
vele nu

zoveel nu
is hier

zoveel
nu is hier

dat

opa

roept
mijn kleinzoon

ik kijk
niet
op

ik ben
er
niet

het woord
komt zomaar een woord
dat bij hem op komt
in hem opkomt

ik
kom niet
nog niet

als

we houden
ons bezig met
wat niet nu is

als

in
een keer
is het er

dan
is het er
ook

ik weet
de onwetendheid

achter
dit wit is niets
te zien

te lezen

en zelfs
tussen de regels
is
het

leeg

het zicht

de gruwelen
hebben zich
tot ijs

verheven

een
oninhaleerbaar
blauw

haast
ademloos
waar te nemen

noordzee
aan
het strand

het zand
in
mijn hand

verlamt

we horen
de woorden

we kennen
de beelden
erbij

omdat er niet meer is
dan
er hier te lezen is

buiten
dit hier
is er meer te zien

het valt

dat
wat valt
heeft nog geen besef
van
dood

onbevreesd
klimt
het

de trap op

nieuwsgierig naar hoogte
begerig naar verte

het woord
dat veronderstelt

dat het beeld
iets vertelt

het beeld
beeldt echter

uit

9 March 2011
By on 19:46
het einde van elk gedicht heeft twee streepjes

Ik praat
Ik maak de foto klein

Ik maak
De foto
Overduidelijk

relatie

een mens
24 uur per dag
blootstellen
aan

je persoon

opvoeden:

iets
wat je nooit goed doet

er zijn
betekent

de kans hebben
om
te worden opgemerkt

de gelegenheid krijgen
je te manifesteren

op vier wielen
ipv
op vier poten

de veredelde
rolstoelmens

naakt
in zijn moordlust

ik schep
geen
resultaat

het resultaat
heeft
geen

resultaat

een boom
om te zien
vanuit mijn bed

een
boom
om naar te kijken

dat wil ik overhouden
van alles
wat ik zag
-

ik werk
maar ik wens
de boom niet weg te werken

ik werk
de boom omhoog

ik herinner mij hem
staande

BIJ DE FILM

de zwanen zijn
niet te zien
op de film

ik trachtte ze
vast te leggen

op donker stuitte echter
hun gestalte

er was te weinig licht
om zicht te krijgen op de zwanen
er was te weinig licht
om herinnerd te blijven voor
de eeuwigheid
er was een schemering
waarin hun beeltenis verloren ging

ik heb geen opname van
de zwanen

het meer
geeft enkel
de schemering weer

de zalmroze
zwanenzang

ik zag
de zwanen

ik dacht
ik ga ze

filmen

het ontbrak me
aan pixels

aan licht

de zwanen
ze verdwenen

achter
de schemer

als schimmen

het gras
verrast

nog altijd

het groen
hun groen

komt
onder het wit vandaan

sneeuw
smelt zich omlaag

tin
en tintelende druiven

de bloedsporen van
het schilderij

de wind
is

een echte wind

ze staat
nergens meer symbool voor

ze waait

en ik moet mij
beschermen tegen de wind
tegen haar kou

en haar
niet langer
interpreteren

mij
drinken naar
de waarheid toe

de
waarheid

de onbekende
bestemming

DICK

We laten
Ons

We horen
De gelijktijdigheid
Van klank

De eenstemmigheid
Van strijkers
En blazers

We horen
Het ten gehore gebrachte
Het naar voren gebrachte

We horen de stilte van
De viool

Een strijkstok
Die voorgoed lijkt te rusten
Op de snaren

hij had niets te zeggen
en dat liet hij luidkeels weten
hij was een schreeuw
in de ruimte
in het wilde weg

hij liet zich blijken
als een zinloze pijn

hij dacht
dat het nodig was
zich te laten verdringen

een mammoet ontwikkeld
uit nieuwsgierigheid verwekt

gekweekt

niet
om hem op te voeden
maar om hem weer te vierendelen

zien
voorbij de naam
voorbij de blaam

een voorwerp
om je niet over te schamen

andermans daad

drie kinderen
ze spelen in het zand
van de opgebroken straat

uit een kindermond
klinkt
het woord xe2x80x9cbomxe2x80x9d

van wie
heeft hij dat gehoord?

heeft het word
de toekomst?

de wind
streelt het water

een richting in
een richting uit

liefde teder
liefde hand

zien

aan
de horizon

niet
het reeds
geschapene

maar
hetgeen
dat nog
te scheppen is

te corrigeren
te veranderen

gewoontes
druisen

tegen voornemens in

veranderen is
enkel veranderen van

gewoonte

overal
waar

-tje

achter
staat

klein

overal -tje

ik houd me vast
aan de ondergang

versterk mijn nee
met nare herinneringen

ik voel voor velen
ik voel voor ieder

er is niet
die ene

ik geef me over
aan
afwezig zijn

in sprakeloos gevoel
zonder vorm

gras
het gras

tastbaar groen
om
iets
in te doen

wind verpakken

volledigheid
weerstrevend

wil ik
bij voortduring

te kort komen

wie schrijft
die schrijft
meer
dan

de eigen naam

de beschrijver van het gras
heet ook

gras

ik denk
aan
zin

verzin
een zin

een doel

een doel
doemt op
uit noodzaak

droevig
omdat ik
weer niet in de krant stond

het cameralicht
was mijn levenslicht

droevig
omdat ik niemand opviel

aandacht
mijn levenslucht

ik staar naar je
aan mijn woorden voorbij

het enige woord
jij jij jij

het staren duurt langer
dan het praten

te weinig woorden
zetten
mijn blikken kracht bij

in het gebouwde
van huizen en kerken

schuilt de geest
van wensen

tot staan te krijgen
de steen

vuur
er binnen

de vogel

zo beschreven
vliegt ze

alle namen
in de lucht

naar
die ene vogel
de vogel

terug

30 January 2011
By on 16:18

Vrede
Heel de wereld
Nacht

Het gordijn
Van de wereld
Sluiten

Het licht
Van de wereld
Uitdoen

Heel dit leven
Een woest stromen
Naar deze vrede

Dit helder zijn
In de nacht

Als ik ben
Als ik ooit werkelijk iets ben
Dan is dat het zijn
Van deze nacht

zonder verklaring
– Wa –

er is zo weinig
te begrijpen

als je
alleen maar ziet
wat er is

deze helderheid
van maan
nacht
ster

deze duidelijkheid

VERBLUFFEND

In de nacht
Niet zomaar
Een blaffen

Maar
Een ver
Blaffen

Een eenzaam blaffen

Het enige geluid
Dat er te horen is

Een geluid
Met heel de ruimte
Van het donker
In zich

Ik ga voor rust
De grootsheid van
Vergetelheid

Ik neem alle vormen terug
Om hen te overdenken
Overdekken met mijn slaap
Als as

Ik ga voor rust
Neem wraak op al het ontstaan
Waarin ik niet gekend ben
Niet mee heb mogen gaan

Ik ga voor dood

Dat wat men kent
Daarom moet men treuren
Elke vorm is gemaakt
Om te verscheuren

Ik geniet
Van de ont-
Politiekte mist

Gewoon
Over de velden
De wegen

De lantaarns
Die licht
En richting geven

En kleur verstuiven

Ik geniet van alles
Wat niets is

Ik geniet van het halve
Dat de voorwerpen belijden
Het omslachtige van
De bedoeling in de nacht

De duistere reden

Ik zag bij nacht
Machines graven
Vol overgave

In de stadslichten
Het feest van werk
Gevierd

Op het plein
Waar mensen
Te wandelen plachten

Graafmachines
Bij nacht

Nachtverzen

I
-
In
Deze stilte ben ik
-
In
Deze stilte
Ben ik de enige
Met
-
De mogelijkheid tot
Geluid
-

Alles staat
Stevig op zijn plaats
Roerloos
-
Ook de woorden
-
Geen enkele
Valt er
-
II
-
Kamer
Na de jazz
Na de namen die
-
Ik spelde
Breekpunt voor
-
Breekpunt
-
Het noemen is
Op
-
III
-
Punt
-
Meer
Kan ik eigenlijk
Niet zeggen
-
Punt
-
En zelfs dat
Is eigenlijk
-

(Hoe weinig
Het ook is)
-
Te veel
-
Een punt
Is
Een punt teveel

-
-
Onder de sterren
Ligt het werk stil
-
Machines wisselen
Onderling vrede uit
-
Op de bouwplaats
Is het nacht
-
Alles
Reikt
Oneindig
Naar voltooiing
-

Ik kan niet slapen
Ik reis met open ogen
Naar de morgen toe
Door het landschap van gevoel

Ik ben mij
Elke minuut bewust
Van elke minuut
Bewust

Ik rust
En ik vind geen rust
Met open ogen
Op reis
Door de slapeloze nacht

Ik voel
Al mijn gevoel
Ik reis
En weet niet
Waar de morgen ligt

PROPORTIE

Een ster is bedoeld
Om klein te blijven

Alleen voor zichzelf
En zijn medesterren
Is hij oneindig groot

Een ster
Is veraf
Het meest op zijn plaats

Alleen zijn lichtje
Mag 's nachts af en toe
Wat dichterbij

Een ster
Is eigenlijk een sterretje
Zoals het daar staat


DE STABILITEIT DER VERSCHIJNSELEN

Het hengsel van de emmer
dat na lang rechtop staan

valt of zich neerlegt.

Hoe dan ook
in ieder geval
mij doet schrikken als
een plotse inval,
een doodsbericht.

Pas na de grote schrik
als ik heb vastgesteld
dat het
het hengsel van een emmer was
dat ik hoorde.

Als enig veranderlijk geluid
in de onveranderlijke nacht

weet ik:

xe2x80x9cHet is zijn natuur
om zo te klinken,

zo onverwachtxe2x80x9d

Een wakker gedicht

waar ik aan denk
midden in de nacht

ik kan het niet zeggen
nu ik het moet benoemen

opeens
laat niets zich meer zeggen
verdwijnt alles
eenmaal aangewezen
om te ontkomen aan een naam
een wezen

waar ik aan denk
ik weet het niet meer

ik knip het licht aan
en alles
waaraan ik zou kunnen denken
laat zich zien

ik denk niet meer
nu
alles zich laat zien

De nacht is jong
En donker

Het atletisch duister
Rept zich
Alle richtingen in

En wil duren
En wil zich eeuwig laten duren

Oh lichamelijke eeuwigheid
Vernietigende eeuwigheid

Acht

Wie liet er in de nacht
Een cijfer achter

Of viel vannacht dit cijfer
Gewoon uit de hemel

Een verre vreemde acht
De hoeveelheid van iets onbekends
Met de waarde van zichzelf

Acht

Het getal heeft tot zichzelf geteld
Het heeft zichzelf geabstraheerd

Want zeg me
Wat is acht in wezen
Wat heb je nu daadwerkelijk aan acht

Enkel
Het concrete is
Te lezen en te vrezen

Zijn dit wel lantaarns aan het water
Zijn dit niet eerder de knoopjes
Van een heel lang nachthemd

De blinkende knoopjes

Zijn dit niet eerder
De tanden van een prachtig monster
Dat mij verschalkt en toelacht

Oh geluk
Verslind me

Oh nachtelijk geluk
Vermaal me

Ach
Ik ben al malende

je komt bij nacht
de sleutels lenen

een ander komt
des morgens
vertellen van het ongeluk

ik word
door bezoekers
opgeschrikt

er wordt
aangebeld

ik wil niets weten
nergens meer schuld aan hebben

ik doe niet open

met elke handeling
help je
het noodlot een handje

die ene nacht met jou
die ik onvergetelijk acht

ik moet er steeds aan denken
niet dat ik hem mij herinner
maar jij herinnert mij eraan

ik weet niet
wat voor nachten
er zullen volgen op
die ene nacht

ik weet alleen
dat ik 56 ben
en de nachten ken

ik weet
dat jij het mooist bent
het meest dichtbij bent
die ene ene nacht

die ene nacht
die ik voor me zie
als ik je zie

die ene nacht
die voorlopig
de enige nacht is
ik zie jou
en kan niet verder kijken dan
die ene xe2x80x9cone night with youxe2x80x9d

In
De nacht
Is

De regen
Het enige

Dat te horen is
Dat valt

Je kunt
De regen horen
Vallen
Als

Die ene speld

Je kunt
De regen horen
Vallen

Een handdoek over de kooi
En het is nacht voor
De papegaai

Hij zwijgt
Het firmament toe

Hij is geen wolf
Die het donker aanhuilt
Of
Een kat die jammert

Een papegaai
Gehoorzaamt
Het duister

Hij praat
De stilte na

GELUKSNACHT

Geluk willen vasthouden. Dat was het streven van dit schrijven. Of het me gelukt is weet ik niet. Evenmin weet ik of dit voor de eeuwigheid is bestemd.

Willem Adelaar
I

Zo kan het tenslotte ook. De rust van alle gestorven dieren. De vrede van hun eeuwige glimlach. In deze nacht weerklinkt geen enkele weeklacht. Ik hoor de pijnloosheid van de dood.

II

Zo moet het zijn. Zo. Als deze onverwachte nacht, waarop ik tot aan de morgen schrijf. De morgen aanschrijf. Met pen rijg ik dag aan nacht. Zo moet het zijn. De nacht die haast ongemerkt in de dag overgaat. Ze maakt geen geluid. De wereld maakt geluid. Zo stil moet het licht worden. Zo vredig moet de nacht voortduren. Een nacht bij dag.

III

Oh geliefde nacht. Ik schrijf je. Ik schrijf je maan. Ik schrijf je sterren. Ik schrijf je. Maar ik schrijf je niet op, want ik wil je blijven schrijven. Oh geliefde nacht. Toe. Lees dit donker. Lees dit vederlichte donker. Lees deze flinterdunne nevelsluier, waarmee ik jou onzichtbaar maak.

IV

Oh geliefde nacht. Toe. Lees deze hele bladzij leeg. Lees al wat ik vergeet. Lees al wat ik vergeten wil en moet. Oh geliefde nacht. Houd me bij mijn schrijven vast. Klamp je vast aan de cadans van deze pen, die jou geen pijn zal doen. Oh geliefde nacht. Ik leid je het lijden uit.

V

Houd de mist vast. Kluwen nevels weven zich tot ijle droom. Houd deze nachtmist vast. Oh zo plaatselijk. Onthoud wat ze je doet en deed. Ontmoet het gelukswezen van de rust. Ontmoet de iele dood van de stadse aanwezigheid. Ontmoet de laatheid van de avond. Ontmoet de diepte van de nacht. De diepte van de nacht is de diepte van de ogen die jou aanvaarden. Verre sterre-ogen.

VI

Houd de nacht vast als een bloem. Een nacht die ik jou aanbied als de siddering van je schoot. Als. Als. Houd deze nacht vast als een kaars en blijf haar branden door te kijken, door haar aan te blijvenxe2x80xa6xe2x80xa6xe2x80xa6xe2x80xa6..kijken.

VI

Op deze nacht grond ik een droom. Grond ik een heden. Ik weet, dat een nacht zo nacht kan zijn als deze. Zulk een nacht bestaat. Zulk een nacht bestaat ook.

VII

Velden waarvan de mist opstijgt. De sluier van een trekvogel. In het warme zuiden ligt het dromenland. Vuurwerk boven de Middenlandse Zee.

VIII

Oh, ik ontplof van liefde. Ik smelt van verlangen. Nu verlang ik naar het donker. Naar de wezenloze mist. Naar dit van deze nacht. Naar het dit. Oh geliefde nevels. Oh geur die mij omarmt. Oh verlatenheid die mijn oren streelt en mijn honger stilt, mijn honger steelt.

IX

Ik mag dit niet vergeten. Nacht. Je maakte me gelukkig. Nooit zag ik het geluk zo naakt en zo nabij. Geluk. Dat zag eruit als jij. Zo nachtelijk.

X

Vannacht zag ik de nacht in concert. Ze speelde, ik hoorde het, een nevelmelodie. Ik zag hoe zacht het gras geurde. Ik zag hoe mild het duister was gestemd. Ik kon de rust aanraken met een vinger van mijn hart.

XI

Hoe ongelovig zuiver is het duister. Zo ervaarderig. Duister zuiver. Meer wil je niet weten van het raadsel. Je wilt oplossen in het raden en duiken in het diepe duister. Het vermoeden reikt naar jou om jou te strelen. Weet. Je werd verwacht.

XII

Vandaag is het stil. Zo hoort het. Vandaag is het stil. Hier woon ik. In de stilte van het huis. Dit stille huis waar ik thuisxe2x80xa6xe2x80xa6xe2x80xa6.hoor.

XIII

Ik sliep. Zo zag vrede eruit. Ik werd wakker en meteen was het oorlog. Meteen was het chaos en ik.

XIV

Al wat gebeurt. Het is bedoeld om mij te beangstigen, te verontrusten of te fascineren. Het is bedoeld om mij te laten bidden, hopen, wanhopen, dromen. Et is bedoeld om het mij uit te laten schreeuwen van pijn. Reactie.

XV

Ik begrijp de wereld niet. Ik begrijp mijn lust. Dat wil zeggen: Ik gehoorzaam aan het branden van mijn zinnen en ik brand. Ik geef gehoor aan de roep om genot. Ik begrijp het bestaan niet. Het bestaan is mijn lichaam dat bestaat.

XVI

Ik leeg me. Alles is noodzaak vanwege de onzichtbare reden.

XVII

Gehuild wordt er door een kind. Het kon mijn verdriet zijn, mijn pijn. Die ken ik beter. Het kind huilt luid en voorlopig onophoudelijk. Het huilt nog. Het huilt nog steeds. Het huilt zich in leven. Leven. In wezen de enige reden.

XVIII

Zo ben ik vervlochten met mijn zijn, mijn wezen: het zijn. Niet altijd even verknocht aan de pijn die het zijn met zich meebrengt. Ik ben. En ook de pijn is.

IXX

Ik doe geen moeite voor grootheid, schittering. Het grootste aan mij is de regelmaat en de angst en de pijn. Ik kan niet groter zijn dan de angst. Mijn angst.

XX

Oh geliefde nacht. Dit geluk heb ik allen gekend. Voor dit geluk is eenzaamheid van node. Geluk, dat zo ondeelbaar is. Geluk zo heel. Zo heel gelukkig. Dit geluk is zo gelukkig. Dit geluk. Het is mij. Dit geluk ben ik.

XXI

Dit geluk. Het moet blijven duren. Ik wil niet slapen. Ik wil niet ongelukkig wakker worden. Ik wil dromen en blijven dromen, dat de werkelijkheid niet waar is. Dat het ongeluk bedrog is.

nacht
hoe zal ik je beschrijven

als de kale boom voor mijn raam
donker in het donker

als de stilte van mijn huis
met als enige geluid
het geruis in de radiatoren
en niemand thuis
behalve ik
die de nacht beseft
en niet de eenzaamheid

als de rust van het niet gebeuren
de rust van het niet deelnemen aan de wereld
aan gelukkig noch ongelukkig zijn

nacht
hoe zal ik je beschrijven

als het tijdstip waarop ik dit schrijf
het tijdstip
waarop ik behoor te slapen
waarop ik wakker ben
nacht
nacht

ik houd mijn wake
bij de nacht die sterft


nacht, het regent

ik ben in tuin
in touw

ik juich
voel hoe het zaad
een ladder wordt aangereikt
om in op te klimmen

ik juich
de regen valt
mijn armen gaan omhoog

het zaad wordt getild
naar een hoger plan

nacht, het regent
de bevrijder is gekomen
ik juich
de grond wordt
van droogte verlost

17 mei
Het regent
Op een meinacht
Om 4.12 uur

Ik hoor
Druppels
Op het tentdak van
De buren
Druppels op de stoelen
En de tafel
In mijn tuin

We delen
Gezamenlijk de regen

27 January 2011
By on 22:42
nieuwe oogst

Is intelligentie
Ook een ras
Vraagt de dwaas aan
De wijze

een koelkast ontdooien
is
het vallen van ijs beluisteren

een mens
is de helft van
twee mensen

een mens
temidden van
vele mensen

mens

het woord valt niet op
tussen de woorden

als

het is niet meer
dan een vergelijking

het is niet meer dan
een woord voor
wat er zou kunnen gebeuren

het is onze voorstelling van
de toestand
als

als
we als nu eens isoleren

een taal
die zichzelf beziet
en herziet in zijn gebruiker

deze taal
als
een lichaam
deze taal als een boom

deze taal
als
het woord
als

als

er wordt gerookt
door mensen

ik zeg het
ik schrijf het

het verandert
niets

de zin blijft staan
de onzin blijft bestaan

gegevens

niet de betekenis
niet de hele
niet eens de halve

niet
dat wat
je verwacht van het woord

ik dicht voort
vervolg
het woord

gegevens

je lest dit niet
in een woordenboek

hier
wordt betekenis
bekend verondersteld

het woord
een stand van zaken

dient
het nu
te raken

PORTRET I

Ze komen het cafxc3xa9 binnen
Een man. Een vrouw
Een man met baard en
Een klein kistje mandarijnen onder zijn arm

Eenmaal aan een tafel plaats genomen
Bestudeert de vrouw een boekje over Amsterdam
En dat terwijl ze in Amsterdam zijn

Het zijn vreemden, twee in getal
In een cafxc3xa9 in Amsterdam
Een cafxc3xa9 met de naam xe2x80x9cDe Prinsxe2x80x9d

Ze drinken beiden een glas witte wijn
En ze spreken
Als ik goed naar ze luister
Ook nog eens Engels

Ze blijven een glas wijn lang

PORTRET II

Z e gaan verder
Wij blijven nog even
Om hen te herinneren

En ja
Hij vergeet
Het kistje mandarijnen niet

Het is winter
Tijd van pepernoten en marsepein en
Sneeuw op komst

We maakte kennis met
Een film van twee mensen
Vreemdelingen zeker

We hebben ze niet aangesproken
Met zijn twee ware ze te bijzonder

Samen vormden ze
Het icoon van passanten

PORTRET III

Twee
Ze bleven hier
Om gescheiden van elkaar
Hun dingen te doen

Samen met elkaar aan een tafel
Dicht bij de deur
Dicht bij d mogelijkheid
Het cafxc3xa9 zo snel mogelijk te verlaten

Twee
Ze zijn bij elkaar
Een paar mensen

Meer reisgenoten dan geliefden

In een boek staat te lezen
Wat ze samen zouden kunnen doen
Wat er allemaal te doen is
Hier in Amsterdam

Voor mensen
Die even de beschutting zoeken
Van een cafxc3xa9

PORTRET IV

Ze praten
We horen dat het Engels is
Of Amerikaans

We horen niet wat ze zeggen
De mandarijnen op tafel
Zijn duidelijker

Die praten onder hun voile oranje
Ze komen rond
Voor zichzelf uit

PORTRET V

De man, de vrouw
Ze zijn vertrouwd met elkaar
In de vreemdheid van een cafxc3xa9
Het luidruchtig lichtpunt
In de donkerte van de avond

Verlichte warmte
In de koudheid van een stad
In wintertijd

Ze zijn vertrouwd met elkaar
De man, de vrouw
Maar

Het volgende woord
Het volgende gebaar
Het blijft komen
Uit den vreemde

PORTET VI

Je weet al
Dat ze niet lang zullen blijven

Ze houden beiden
Hun jas aan

En het kistje mandarijnen
Het blijft
Onaangebroken

Wie gaat er nu stappen
Met een kistje mandarijnen
Onder de arm

Stappen
Zoiets doe je
Een kistje mandarijnen niet aan

Amsterdam blijft
Onverstoord
Al wordt er ook zo
Aan haar fundamenten geboord

De huizen
Er loopt een metro onderdoor
Een mol
Blind voor
De toekomst van
De stad

Amsterdam
Met al je huizen uit het lood
Hoe lang blijven je huizen
Eeuwenoud

Je grachtpanden
Ze hangen naar voren
Ze kijken uit hun eigen ramen
Naar hun reeds jaren uitgestelde
Val

hoe klinkt
het
nu

wat
een abstract woord

heeft
het nu
de stem van
een mens

of
maakt het nu
het geluid van

een god

chaos

ik ben onbekend
met
de ware aard
en de ware plaats
der dingen

alles ligt
op de plaats waar het ligt
op de plaats waar ik heb neergelegd
op de plaats waar ik alles heb achtergelaten

ik heb vrede
met dit alles

wellicht
ben ik nog niet werkelijk geboren
wellicht ben ik nog niet
werkelijk
ontwaakt

9 January 2011
By on 14:52
overtuig

ik weet niet
of ik dit meen
of

dat ik vertegenwoordig
dat wat ik zeg

ik ben
wat zich verbergt

wat zich
schuilhoudt

in mij

4 January 2011
By on 12:42